De rauwheid van verlate rouw
(het licht-effect van de foto van de foto is een beetje raar geworden... sorry...)
Ik heb het er in mijn eerste blogs (begin 2012) uitgebreid gehad.
Over het overlijden van mijn vader (42 jaar), toen ik nog maar twee was.
Zoek ze gerust terug die blogs.
Maar toch wordt zelden beseft wat en hoe die impact is.
Er wordt beredeneerd vanuit de huidige volwassen leeftijd.
En men vergelijkt het zo gemakkelijk met de verlies-ervaringen die men bewust (meestal als volwassene) heeft meegemaakt.
Als ik dan iets deel op facebook, bijvoorbeeld met vaderdag. Of op de dag dat mijn vader jarig zou zijn. De trouwdag van mijn ouders. De overlijdensdag van mijn vader.
Als ik iets deel op één van deze gedenkdagen (wat ik steeds minder doe... heb dat niet meer zo nodig), dan zijn de reacties vaak: 'koester de goede herinneringen'.
Huh?
Herinneringen?
Herinneringen heb ik pas vanaf mijn vierde.
En dat zijn dan herinneringen van gemis.
En wat ik toen brokkelsgewijs mee kreeg over mijn vader of wat tot me door drong (omdat ik er qua leeftijd rijp voor was). Afhankelijk van wat mij doorverteld wordt. Of juist niet.
Want mijn vader overleed in 1970.
En het algemene beeld was toen nog dat kinderen dood niet aan konden.
Je werd er ver van weg gehouden.
Begraafplaatsen werden gemeden, want die waren eng (een angst die mijn moeder had (door eigen verdrietige ervaringen!!!) en als waarheid in mijn hoofd geplant werd).
Er werd zo weinig mogelijk over gesproken, want kinderen zouden dat verdriet niet aankunnen...
(of was het eigenlijk de overgebleven ouder die dat verdriet niet aankon?)
Begin dit jaar is er een boek verschenen van een vrouw die haar moeder op haar tweede verjaardag verloor. Het is een roman. Niet geheel biografisch. Maar wel geschreven vanuit de eigen verlies-ervaring. Er is echter een romanverhaal van gemaakt. Afgewisseld met echte dagboekfragmenten van haar moeder.
En wat zij verwoord, en hoe ze het verwoord, dat kun je alleen maar doen als je zoiets hebt meegemaakt. Ik vind roman-verhalen lastig. Door mijn trage leestempo en moeilijk te volgen verhaallijnen (het is abstracter dan een feiten-boek), moet ik geregeld teruggrijpen: 'hoe zat dat ook al weer, waar kwam dat personage nu vandaan'?
Maar met veel heen en weer geblader, heb ik het boek van begin tot einde geboeid gelezen.
Mede omdat ik zóveel gevoelens en gedachtegangen en daaruit voortvloeiende gedragingen van de hoofdpersonage herken!!!
Ik ga in deze blog stukken uit dat boek behandelen.
Stukken die hopelijk ook meer inzicht geven in mijn verlies-ervaring.
Want naast het feit dat ik autistisch ben, heb ik ook al vanaf heel jong dit verlies in mijn rugzak zitten. Ook daar is mijn leven en gedrag door gevormd, vaak zelfs extra versterkt door mijn autistisch zijn. Het vertraagde of bemoeilijkte mijn processen extra.
Het autisme maakte de verlies-ervaring die mijn leven bepaalde nog ingewikkelder.
Zoek ze gerust terug die blogs.
Maar toch wordt zelden beseft wat en hoe die impact is.
Er wordt beredeneerd vanuit de huidige volwassen leeftijd.
En men vergelijkt het zo gemakkelijk met de verlies-ervaringen die men bewust (meestal als volwassene) heeft meegemaakt.
Als ik dan iets deel op facebook, bijvoorbeeld met vaderdag. Of op de dag dat mijn vader jarig zou zijn. De trouwdag van mijn ouders. De overlijdensdag van mijn vader.
Als ik iets deel op één van deze gedenkdagen (wat ik steeds minder doe... heb dat niet meer zo nodig), dan zijn de reacties vaak: 'koester de goede herinneringen'.
Huh?
Herinneringen?
Herinneringen heb ik pas vanaf mijn vierde.
En dat zijn dan herinneringen van gemis.
En wat ik toen brokkelsgewijs mee kreeg over mijn vader of wat tot me door drong (omdat ik er qua leeftijd rijp voor was). Afhankelijk van wat mij doorverteld wordt. Of juist niet.
Want mijn vader overleed in 1970.
En het algemene beeld was toen nog dat kinderen dood niet aan konden.
Je werd er ver van weg gehouden.
Begraafplaatsen werden gemeden, want die waren eng (een angst die mijn moeder had (door eigen verdrietige ervaringen!!!) en als waarheid in mijn hoofd geplant werd).
Er werd zo weinig mogelijk over gesproken, want kinderen zouden dat verdriet niet aankunnen...
(of was het eigenlijk de overgebleven ouder die dat verdriet niet aankon?)
Begin dit jaar is er een boek verschenen van een vrouw die haar moeder op haar tweede verjaardag verloor. Het is een roman. Niet geheel biografisch. Maar wel geschreven vanuit de eigen verlies-ervaring. Er is echter een romanverhaal van gemaakt. Afgewisseld met echte dagboekfragmenten van haar moeder.
En wat zij verwoord, en hoe ze het verwoord, dat kun je alleen maar doen als je zoiets hebt meegemaakt. Ik vind roman-verhalen lastig. Door mijn trage leestempo en moeilijk te volgen verhaallijnen (het is abstracter dan een feiten-boek), moet ik geregeld teruggrijpen: 'hoe zat dat ook al weer, waar kwam dat personage nu vandaan'?
Maar met veel heen en weer geblader, heb ik het boek van begin tot einde geboeid gelezen.
Mede omdat ik zóveel gevoelens en gedachtegangen en daaruit voortvloeiende gedragingen van de hoofdpersonage herken!!!
Ik ga in deze blog stukken uit dat boek behandelen.
Stukken die hopelijk ook meer inzicht geven in mijn verlies-ervaring.
Want naast het feit dat ik autistisch ben, heb ik ook al vanaf heel jong dit verlies in mijn rugzak zitten. Ook daar is mijn leven en gedrag door gevormd, vaak zelfs extra versterkt door mijn autistisch zijn. Het vertraagde of bemoeilijkte mijn processen extra.
Het autisme maakte de verlies-ervaring die mijn leven bepaalde nog ingewikkelder.
Ik loop stukken uit het boek langs, om e.e.a. toe te lichten.
Ze was bang om wéér verlaten te worden en eenzaam achter te blijven. Al wilde en durfde ze er geen woorden aan te geven. Bijna zou ze dat gevoel van verlatenheid en eenzaamheid ervaren, als ze zouden verhuizen. Gelukkig ging dat niet door. Niet nog verder ontheemd.
Maar als de angst te groot werd, ging ze weg. Letterlijk weg, of in haar eigen wereld.
En ook dat deed ik als kind - en volwassene (omdat het lastig is dat gedrag volledig kwijt te raken) - maar inderdaad gingen ouders van klasgenoten gelijk bellen naar je moeder (in mijn geval). Dus je moest letterlijk op de vlucht. En in die vlucht verdween je in een fantasie-wereld. Hoe het had kunnen zijn als ik wel een vader had. Omdat ik het echte beeld niet zo kende, werden het fantasiebeelden.
Ook dat mijn moeder dan een uitlaatklep had. Daardoor minder bezorgd zou zijn, omdat ze beter kon relativeren. Ik zou meer vrijgelaten worden. En papa kwam eindelijk 'tejug' (wat heb ik dat als 3 jarige veel tegen mama gezegd, als zij me vertelde dat papa naar de hemel was: 'hij komt heus wel tejug'), want dat kwam hij daarvoor toch ook elke avond?
Ik fantaseerde hoe het zo zijn als ons gezin compleet was...
En al heel jong was ik ook alleen met mijn moeder.
Ik was 10 toen mijn oudste zus het huis uit ging en 13, toen ook de middelste het huis uit ging.
In plaats van een compleet gezin werd het nog kleiner en kwetsbaarder. En de kans om verlaten te worden en eenzaam te zijn daarmee groter.
Ik was op school ook de enige met een dode vader. Scheidingen kwamen ook nog nauwelijks voor. Dus je was echt een uitzondering.
Zelfs zonder daar de aandacht op te vestigen (zoals de hoofdrolspeelster uit dit boek dat doet), viel het automatisch op. Je vóelde je daardoor ook echt anders...
De hoofdpersoon in de roman is actrice. Maar ze stapt letterlijk van het podium af om een nieuwe rol aan te nemen: cassière bij de AH. Want daar heeft ze de kans de vrouw te ontmoeten die ze eerder zag en een beetje voldoet aan het beeld dat ze van een moeder gecreëerd had. Gelukkig lukt dat en met wat smoesjes is er echt contact (ze koopt bijvoorbeeld een racefiets van haar).
Maar uiteindelijk loopt het contact stuk. En haar baan. Alles kwijt.
Niet lang daarna wil ze excuses aanbieden voor wat fout ging en staat ze met tulpen aan de deur van de vrouw die haar moeder had kunnen zijn (althans... iemand die voldeed aan het gecreëerde beeld in haar hoofd):
Ze wordt niet ens binnen gevraagd! Er is een kleinkind van de vrouw op bezoek. En nog meer mensen. De stemmen hoorbaar. En zij is voor dat samenzijn niet uitgenodigd! Eigen gezinsdingen. ‘De mensen daarbinnen zijn haar mensen’. Zij en de vrouw die haar moeder had kunnen zijn, zijn kennissen uit een ver verleden die je negeert op straat. Het contact is klaar. Je hebt niets meer met elkaar.
Maar het had toch gezellig kunnen zijn? Af en toe koffieên of lunchen, verhalen en het leven delen? Het had toch gekund? Alles kan, zolang je maar echt wilt. Maar als alles kan, loop ik nu niet alleen over straat...
Iedereen heeft zijn/haar eigen gezinsdingen..
Hoe vaak blijk ik met (figuurlijke) tulpen aan deuren van ‘vaders’ te komen, smekend om contact? Maar blijf ik letterlijk buiten staan... toekijkend naar hun wereld die niet de mijne is... Uitzoeken hoe die te begeren wereld dan in elkaar zit. Wie al die mensen toch zijn die wel toegang voorbij de voordeur blijken te hebben... Die wel op het feestje genodigd zijn en bij de gezinsdingen horen.
Hoe toevallig is het dat ik op de cover van mijn gedichtenbundel gekozen heb voor tulpen? In oranje/rood. Want ik raak natuurlijk behoorlijk overprikkeld van alle te verwerken teleurstellingen daarin.

Hier onder behandel ik nog 3 pagina's.
Het gaat erover dat ze naar een psycholoog gaat. Mw. Helleman.
Meerdere keren in haar leven.
Ze beschrijft hoe ze er de eerste keer kwam.
Na het wegdwalen in haar gedachten en weer bij 'een moeder' aan de deur staan.
Maar ook hoe de psycholoog als oplossing biedt om met vader te gaan praten (over moeder).
Maar dat is onmogelijk. Want in een gezin waar een ouder weggevallen is, zitten de patronen van er niet over kúnnen praten (door de andere ouder) zó diep, dat je als kind (ook als je ouder bent) feilloos aanvoelt dat er niet over te praten vált... En de goedbedoelde hulpverlening lijkt dat maar nooit te kunnen snappen... Het IS ook niet uit te leggen...
Hoe vaak hulpverlening mij naar mijn moeder verwezen heeft om te gaan praten over genoemde problematiek... over mijn gevoelens m.b.t. papa, etc... Maar ook bij ons was een code... Mama en ik begrepen elkaar stilzwijgend, maar samen over dingen praten konden we niet. Geen onwil (want dat werd dan ook maar aangenomen), maar onvermogen. Van beiden... En dan komen de vragen: 'waar ben je bang voor?', 'wat is het ergste wat kan gebeuren?' En dan is liegen makkelijker... In nood ontstaat dat liegen. Want dit IS nood.
Zij loog dat ze met haar vader gepraat had en verzon dingen die ze gezien had bij een andere moeder. Dan was ze hier vanaf... Want begrepen werd dit toch niet...



Het verliezen van een ouder op zo'n jonge leeftijd gaat diep. Veel dieper dan menigeen beseft.
Er ontstaan patronen, zowel bij kind als overgebleven ouder, die bijna niet te doorbreken zijn. Levenslange impact. Alleen al door de ontstane patronen in het ontwrichte gezin (bij ons was het gezin zó ontwricht dat mijn oudste zus op haar 16e van huis wegliep... wat het gezin nóg meer ontwrichtte...).
Het verlies zelf heb ik voor een groot deel verwerkt.
Af en toe nog laagjes.
Maar geen verdriet meer.
Dat is er een jaar of zes geleden in alle hevigheid uitgekomen.
Dat geeft wel rust.
Ik kan dan ook met een gevoel van vrede aan mijn vader denken en dat sterke missen is er af.
Daarom zijn die posts op FB op speciale gedenkdagen ook niet meer zo nodig.
Ik heb dat niet meer nodig.
Maar de ontstane patronen blijven. Gedragspatronen waarvan ik weet dat ze bestaan en met en door mijn autistische zijn versterkt worden en nóg lastiger te doorbreken... Omdat ik bijvoorbeeld er zo overprikkeld door raak blijf ik nog meer hangen aan mensen die eigen gezinsdingen blijken te hebben... Daar moet ik toch ook bij kunnen horen? Als je het maar gelooft, is alles mogelijk.
Maar als alles mogelijk is, loop ik niet zo vaak met mijn neus in het prikkeldraad.
Prikkeldraad: symbool van de grens die de ander trekt rondom zijn of haar eigen gezinsdingen.
Met verbazing deze roman gelezen.
Een verhaal dat je alleen maar zo kunt maken als je zelf deze ervaring hebt meegemaakt. De fantasieën in je hoofd hebt gehad en het anders zijn gevoeld hebt. De andere wereld, waar jij nooit deel van uitmaakt. Deel van mag uitmaken. Omdat zij eigen mensen hebben.
En dat heeft deze schrijfster.
Ben je nieuwsgierig naar het gehele boek?
Dit is het boek:

Hier onder behandel ik nog 3 pagina's.
Het gaat erover dat ze naar een psycholoog gaat. Mw. Helleman.
Meerdere keren in haar leven.
Ze beschrijft hoe ze er de eerste keer kwam.
Na het wegdwalen in haar gedachten en weer bij 'een moeder' aan de deur staan.
Maar ook hoe de psycholoog als oplossing biedt om met vader te gaan praten (over moeder).
Maar dat is onmogelijk. Want in een gezin waar een ouder weggevallen is, zitten de patronen van er niet over kúnnen praten (door de andere ouder) zó diep, dat je als kind (ook als je ouder bent) feilloos aanvoelt dat er niet over te praten vált... En de goedbedoelde hulpverlening lijkt dat maar nooit te kunnen snappen... Het IS ook niet uit te leggen...
Hoe vaak hulpverlening mij naar mijn moeder verwezen heeft om te gaan praten over genoemde problematiek... over mijn gevoelens m.b.t. papa, etc... Maar ook bij ons was een code... Mama en ik begrepen elkaar stilzwijgend, maar samen over dingen praten konden we niet. Geen onwil (want dat werd dan ook maar aangenomen), maar onvermogen. Van beiden... En dan komen de vragen: 'waar ben je bang voor?', 'wat is het ergste wat kan gebeuren?' En dan is liegen makkelijker... In nood ontstaat dat liegen. Want dit IS nood.
Zij loog dat ze met haar vader gepraat had en verzon dingen die ze gezien had bij een andere moeder. Dan was ze hier vanaf... Want begrepen werd dit toch niet...
Het verliezen van een ouder op zo'n jonge leeftijd gaat diep. Veel dieper dan menigeen beseft.
Er ontstaan patronen, zowel bij kind als overgebleven ouder, die bijna niet te doorbreken zijn. Levenslange impact. Alleen al door de ontstane patronen in het ontwrichte gezin (bij ons was het gezin zó ontwricht dat mijn oudste zus op haar 16e van huis wegliep... wat het gezin nóg meer ontwrichtte...).
Het verlies zelf heb ik voor een groot deel verwerkt.
Af en toe nog laagjes.
Maar geen verdriet meer.
Dat is er een jaar of zes geleden in alle hevigheid uitgekomen.
Dat geeft wel rust.
Ik kan dan ook met een gevoel van vrede aan mijn vader denken en dat sterke missen is er af.
Daarom zijn die posts op FB op speciale gedenkdagen ook niet meer zo nodig.
Ik heb dat niet meer nodig.
Maar de ontstane patronen blijven. Gedragspatronen waarvan ik weet dat ze bestaan en met en door mijn autistische zijn versterkt worden en nóg lastiger te doorbreken... Omdat ik bijvoorbeeld er zo overprikkeld door raak blijf ik nog meer hangen aan mensen die eigen gezinsdingen blijken te hebben... Daar moet ik toch ook bij kunnen horen? Als je het maar gelooft, is alles mogelijk.
Maar als alles mogelijk is, loop ik niet zo vaak met mijn neus in het prikkeldraad.
Prikkeldraad: symbool van de grens die de ander trekt rondom zijn of haar eigen gezinsdingen.
Met verbazing deze roman gelezen.
Een verhaal dat je alleen maar zo kunt maken als je zelf deze ervaring hebt meegemaakt. De fantasieën in je hoofd hebt gehad en het anders zijn gevoeld hebt. De andere wereld, waar jij nooit deel van uitmaakt. Deel van mag uitmaken. Omdat zij eigen mensen hebben.
En dat heeft deze schrijfster.
Ben je nieuwsgierig naar het gehele boek?
Dit is het boek:
Doorgaan naar hoofdcontent
Herkenbaar dat er nooit over gepraat werd en dat je er als kind bij werd weggehouden.
BeantwoordenVerwijderenDat het zoveel invloed heeft gehad kan ik me goed voorstellen.
Mooi dat je wat herkenning vond in dit boek.
Nu pas tiijd gehad m rustig te lezen.Je mist iets in je jeugd wat wel nodig zou zijn,,.Maar bij overlijden kan dat niet.Daarom blijft het zo aanwezig ,en met je autisme.Fijn dat je zoveel herkenning had in het boek
BeantwoordenVerwijderen