Avondwandeling
Na een week herfstachtig weer,






te koud voor eind april,
is het enige wat ik wil: eruit!
We nemen terstond een besluit,
om te gaan wandelen bij de Litsche sluis.
De jongens zijn niet thuis,
dus met zijn tweeën op pad.
Aan de dreigende lucht te zien hebben we het mooiste wel gehad.
Omsloten door gore wolken die niets goeds voorspellen.
Maar dan dat streepje zonlicht!
Alsof het ons wil vertellen:
Hoe duister en goor het ook lijkt,
Hij is er bij als dat streepje zonlicht dat aan de Hemel prijkt.
Een flinterdun straaltje, maar toch.
Het duister heeft niet het laatste woord!
Dus wij liepen - kijkend naar dat streepje zonlicht - dapper voort.
Zo moet het zijn; het zoete zingen
van God, heel zacht door alles heen,
een teder zonlicht op de dingen
die goed zijn, dood zijn en gemeen.
En zo is het. God laat zich niet zien met groot vertoon. Maar soms midden in het leven, als dingen zo duister zijn en gemeen. Dan is Hij er als dat straaltje zonlicht. Om mij heen. De gemene dingen blijven, maar worden anders beleefd. Ziekte, dood, onrecht zijn niet weg. De liefde blijft. Het goede ook. Beschenen door Zijn licht, zijn mijn ogen op Hem gericht. En dan kun je de wandeling wagen, hoe dreigend het ook leek.
Doorgaan naar hoofdcontent
Opmerkzaam ogen zien het snelst een straaltje licht
BeantwoordenVerwijderenmoooi
BeantwoordenVerwijderen