Posts

De barmhartige samaritaan - Nieuwe woorden?!

Afbeelding
  Uit 'Kleutervertelboek voor de Bijbelse geschiedenis' van Anne de Vries (1962)   Uit 'De nieuwe kinder Bijbel, nieuwe testament'(1969) Als kind, was ik gewend dat mama dagelijks na de maaltijd uit de (kinder)bijbel voorlas. Zo rond de leeftijd van 5, 6, 7 jaar, had ik een favoriet Bijbelverhaal, namelijk: 'de man die gevallen was' (zo noemde ik het verhaal van de barmhartige Samaritaan). Bijna dagelijks wilde ik mama dat verhaal horen lezen! Ik ga wat vertellen over een 'gevallen', gewonde man. De gewonde man, in elkaar getrapt door verlies, pesten, misbruik, afwijzing en verlating, wordt volledig gepasseerd door priesters en Levieten, mede omdat de gewonde man net doet alsof er niets aan de hand lijkt te zijn. Er komt een keer een Samaritaan voorbij (dacht de man), die hem wel weer vertrouwen zou geven... Maar in plaats van vertrouwen, brak hij hem verder af. Tot, jaren, jaren, jaren later, door...

Straf???

Afbeelding
Het is nu het weekend van Pinksteren. Veel mensen in hun gezinnen kijken naar het songfestival, zijn op de camping, zijn met gezinnen bij elkaar of vieren in kerken en conferenties het geweldige Pinksterfeest. Mijn gedachten gaan terug naar de MAVO. De tijd dat ik gepest werd. Buitengesloten. Dan stond in de pauze iedereen in een kring. Wilde ik er bij gaan staan, dan werd de kring verkleind, met de melding ... 'brrr koud hè??' En kon ik er niet tussen. In de klas gingen er kneedgummetjes mijn kant uit. Of briefjes achter op mijn rug. En of ik nou blauw of pimpelpaars aantrok, of de 'Doe Maar'-kleuren die toen zo in waren. Het was nooit goed. Wat ik zei was niet goed. Wat ik aanhad was niet goed. Mijn spullen werden afgepakt en verstopt. Bij gym als laatste gekozen. Op het ijs achterna gezeten met takken. Op straat nageroepen ('schele kun je het zien' bijv.), zgn. nep-liefdesbrieven die naar mijn huisadres opgestuurd werden. Bij de gymzaal was een drem...

Een HAND

Afbeelding
Een HAND In diepe nood roep ik om een Hand, een Hand die me ook echt vasthoudt, een Hand die me niet loslaat als het water van de angst me tot de lippen staat. In diepe nood roep ik U (Heer), U die zelf in diepe nood geweest bent en door het wonder van het Kruis al mijn diepe angsten kent. Ik kijk naar het diepe water en weet niet hóe diep het is. Ik voel me als Jona in de walvis, die na bevrijding pas weet wat leven is. Zo hunker ik naar een Hand, een Hand die me kan bevrijden, een bevrijding van angst en innerlijk gevangenschap, bevrijd van al het lijden. 

Juist dan wil Jezus bij mij zijn!

Als ik denk dat God geen antwoord geeft en angsten in mijn hart toeslaan, ik weet dan toch dat Jezus leeft. Hij zal altijd naast mij staan. Als zelfs de Bijbel geen troost meer geeft en tranen onbedwingbaar zijn, ik weet dan dat Hij mij in Zijn handen heeft. Hij weet alles van mijn grote pijn. Als ik denk dat leven hier geen zin meer heeft, als ik vastloop in een vreselijk verdriet, als mijn lichaam zenuwachtig beeft, ik weet dan toch dat God mijn tranen ziet. Als ik denk dat alle hoop ontbreekt en ik een schouwspel van ellende ben en het lijkt dat ik vergeefs om uitkomst smeek, ik weet dan dat Jezus mijn hele leven kent. Want ook al ben ik zonder moed of kracht, in moeite, zorg en pijn, juist dan draagt Hij mij door de nacht, juist dan wil Jezus bij mij zijn.

Vier je feest met mij?

Afbeelding
Mijn gepest worden op school, maakte me eenzaam. Ik ging niet naar feestjes. Niet naar feesten. Ging niet uit. Hoorde er niet bij. Jaarlijks kwam het carnavalsfeest. Daar waar iedereen zich in het feest gestort had, bleef ik alleen achter. Ik had gekleurde Philips-gloeilampen gekocht (een gele, blauwe, rode). Draaide die op mijn slaapkamer in alle lampen. Zo had ik een echte disco-kamer. Ik had een hele verzameling carnavals-muziek erbij. Zette die dan aan en ging dan in mijn eentje hossen en de polonaise lopen. Dat was mijn feestje. Drinken en chips erbij en hossen maar. Dat was in de jaren '80. Ik heb er vandaag wat woorden aangegeven. Woorden, hoe ik het anno 2013 nog steeds kan beleven. Feest. Het feest is al begonnen. De lampen, in rood, groen en blauw schijnen met een vrolijk licht. Het is feest. De wereld viert feest. Ik vier ook feest. Wie viert er mee? Wie sluit er aan in mijn polonaise? Ik kijk naar buiten, En zie iedereen voorbij gaan. Druk met vanalles en n...

Je naam

Afbeelding
Je naam is je gegeven. Je naam, roept je tot leven, uitgesproken, of uitgeschreven. Hoor je je naam, Dan weet je van je bestaan. Dan weet je dat je leeft, en je leven bestaansrecht heeft. Je naam. Gekend. Bekend. Herkend. Geliefd. Niet eenzaam. Vader kent je naam. Hij zegt zelf: 'Vrees niet, ik heb U bij Uw naam geroepen'. Op een dag krijg je zelfs een nieuwe naam. Op een wit steentje, waarop een nieuwe naam staat die niemand kent, behalve degene die het ontvangt. Hij spelt het me vast voor. Heel zachtjes fluisterend in mijn oor.

Mijn buurmeisje

Afbeelding
Na dat mijn vader was overleden, gingen we dus terug verhuizen naar de stad waar ik geboren was. Daar kwamen we begin jaren '70 in een 'nieuwbouwwijk' te wonen. Naast ons een gezin met 2 meisjes. De oudste van dat gezin was anderhalf jaar jonger, dan ik was. Heel af en toe speelde ik wel met haar. Samen schommelen in de achtertuin bijvoorbeeld. Ook zij hoorde in die tijd van mij dat ik regelmatig zei: "papa komt heus wel 'tejug'". Ik was 4. Zij was 3. Ook zij nam deze woorden voor waarheid aan. Als je oudere buurmeisje dat zegt... zal het wel zo zijn. Mijn moeder heeft 3 zussen en had 1 broer. De broer (ouder dan mama), was vrijgezel. Maar sinds dat papa dood was, kwam hij elke feestdag (uitgezonderd de feestdagen die op zondag vielen, want dan mocht hij niet reizen) bij ons op bezoek. In het begin sliep hij dan ook bij ons. Er hing ook standaard een pak, ondergoed, sokken, etc.. van hem bij ons in de kast, want dan hoefde hij dat niet mee te sjouwen...